Showing posts with label movie review. Show all posts
Showing posts with label movie review. Show all posts

Sunday, January 23, 2011

Avatar


(Pop-cultuur recensies vanuit Joods perspectief: film als moderne midrasj)

Ik moet toegeven: wanneer het op 't Science-Fiction en Fantasy genre aankomt ben ik verdacht vergevingsgezind en heb ik van nature een hoge tolerantie voor (matige tot slechte) films. Hoe dat komt? Misschien is het mijn antropologische nieuwsgierigheid naar alternatieve culturen (verzonnen of niet) of misschien omdat ik gewoon een dromer ben.
Hoe dan ook, ondanks mijn voorliefde voor het genre hoef ik James Cameron's Avatar niet met de mantel der liefde te bedekken. De film staat als een huis.

Als film behoeft Avatar-het-fenomeen geen introductie meer. Het is een succesverhaal voor zowel de laatste 3D en CGI technieken als voor een spannend, archetypisch verhaal met een duidelijke dichotomie tussen Goed en Kwaad.

Het plot is--zoals het een spannende kaskraker betaamt--flinterdun. "Dances with Smurfs" is de film ook wel schertsend genoemd en die kritiek is niet geheel onterecht. Het Pocahontas-gehalte spat van het scherm. Toch valt het recyclen van clichés door de milieubewuste regisseur te vergeven omdat het visuele en emotionele aspect van de film zo sterk is. De prachtige beelden, extra versterkt door het 3D effect, geven de kijker het gevoel alsof je de kans krijgt om etnografisch onderzoek te verrichten in de tastbare, buitenaardse wereld van de planeet Pandora.

Het verhaal is in vier zinnen samen te vatten: Jake Sully, een marinier, wordt naar de planeet (of eigenlijk, maan) Pandora gestuurd om deel te nemen aan het Avatar programma. Met een op afstand bestuurbaar gastlichaam voegt hij zich onder de 'lokale' bevolking van Pandora: de blauwe, 3 meter lange mensachtige Na'vi met het doel om goedschiks of kwaadschiks controle over kostbare delfstoffen te krijgen . Wat volgt is een hevige verliefdheid van Jake: op Neytiri, een Na'vi schone maar ook op het Na'vi volk, de planeet zelf en de pantheïstische Na'vi spiritualiteit rondom een Gaia-achtige godheid, Eywa. Uiteindelijk moet Jake Sully een dappere en drastische keuze maken voor waar hij echt in gelooft...

Een hevige strijd brandt los: tussen de belangen van het Grote Geld en het Na'vi volk dat op een laag technologisch maar zeer hoog spiritueel niveau in harmonie leeft met de planeet. Jake Sully leert gaanderweg met Neytiri als zijn persoonlijke gids het leven op Pandora kennen en voelt zich op een gegeven moment zó thuis bij de Na'vi dat hij er voor kiest om--tegen al zijn belangen in--tegen de menselijke overheersers te strijden en om uiteindelijk zelf Na'vi te worden.

De film is de moeite waard omdat de film weet te overtuigen. De wereld van Pandora en van haar ingezetenen voelt zo echt dat je als kijker vanzelf mee gaat leven ondanks de vele clichématige elementen van het verhaal. De onvermijdelijke liefde tussen Avatar-Jake en de strijdbare Neytiri komt integer over. Een van de meest ontroerende scénes is wanneer Neytiri de echte (menselijke) Jake teder in haar armen vasthoud, alle verschillen overbruggend.
Wat de film voor de moderne (en Joodse) kijker interessant maakt is niet zozeer het plot of de gemakzuchtige eco-boodschap maar de vele vragen rondom identiteit en spiritualiteit die de film oproept. Wat betekent het om opeens overheerst te worden door een ander, onderdrukkend volk? Om een minderheidscultuur te worden?

Eén van de meest schrijnende scénes is de vernietiging van 'Hometree', het spirituele hart van de leefgemeenschap van de Na'vi. Onder sferische klaagzangen werd de torenhoge boom--cultisch centrum van de Na'vi--door grof militair geweld geveld. De wanhoop en desolatie bij de Na'vi was volledig. De rillingen liepen over mijn rug omdat ik opeens een metafoor voor het herdenken van de vernietiging van de Tempel kreeg aangereikt. Het was het Tisja b'Av gevoel--de treurdag waarop de vernietiging van de Tempel wordt herdacht. Hoe men ook tegenover de rol van de Tempel staat (een heel andere discussie) raakte de indringendheid van de film een gevoelige snaar.

De film worstelt impliciet ook met de vraag wat het betekent om 'vreemdeling' te zijn. Jake Sully is aanvankelijk de vreemdeling onder de Na'vi. "Je bent onwetend als een kind!" bijt Neytiri hem toe. Maar Jake leert snel en op een gegeven moment draaien de rollen zich om. Hij voelt zich vreemdeling onder de mensen en vertrouweling onder de Na'vi. Is identiteit iets waar je mee geboren bent of iets waar je voor kiest? Of misschien allebei? En wat betekent zo'n keuze voor iemand?

Als laatst bespreekt de fim een interessante al dan niet geheel originele visie op spiritualiteit. De Gaia-esque godheid Eywa is geeft de Na'vi toegang tot een tastbare, alledaagse heiligheid en onderliggende eenheid. Het ethisch monotheïsme van de Joodse traditie lijkt in eerste instantie niet zo op Eywa (al zou Baroech Spinoza er wel wat in zien!). Toch, als men wat dieper graaft in de mystieke tradities van o.a. de Kabbala, gaat de vergelijking tussen de Sjechiena (het immanente, vrouwelijke aspect van God) en Eywa weldegelijk (deels) op. Net zoals de Na'vi leert het (meer contemplatieve) Jodendom ons dat het leven hier en nu geheiligd moet worden, dat we respectvol met mens en natuur moeten omgaan en dat we de fundamentele eenheid der dingen (echad b'echad) nooit uit het oog mogen verliezen. De opdracht dat deze theologie ons automatisch meegeeft verschilt dan in wezen niet veel van de zorg waarmee de Na'vi hun leven proberen te leiden. Ook wij kunnen de Sjechiena - de goddelijke aanwezigheid - overal om ons heen ervaren en ons moreel kompas er op callibreren. De kritiek dat de film dan ook 'heidens' zou zijn vind ik dan ook onterecht. Avatar nodigt juist de mainstream uit tot discussie en bezinning en dat is haar kracht.

Met een film als Avatar wil je graag de schoonheidsfoutjes en de clichés vergeven en dat doe ik dan ook. Bekijk de film en laat Pandora dan op je inwerken. De vragen die zij oproept met betrekking tot ons leven hier op onze eigen prachtige planeet zijn zeker de moeite van het contempleren waard. "I see you!"

2012


(Pop-cultuur recensies vanuit Joods perspectief: film als moderne midrasj)

"2012" - een Hollywood film op de grens van de goede smaak en op zoek naar zingeving.

Is het eerlijk om een clichématige blockbuster vanuit Joods perspectief te bespreken? Ach waarom ook niet? Laten we kijken wat we van de film "2012" kunnen leren. Of niet.

Zoals de poster al doet vermoedden, gaat de wereld eraan. In dit overweldigende spektakel van Roland Emmerich wordt L.A. uiteen gereten, het Witte Huis op apocalyptische wijze bedolven onder as en de Himalaya's overspoeld door een mega-monster tsunami. Natuurlijk hebben we een Held en een heldin (helaas met een kleine h: in tegenstelling tot de modernste CGI technieken, zijn de vrouwenrollen in deze film hopeloos achterhaald). Verder is er een koele en moreel slagvaardige president (Danny Glover in een Obama-esque rol) en zijn er snode plannen van boze (Russische) kapitalisten.

Het begint allemaal met een slecht voorgevoel: wetenschappers in een broeierige mijnschacht in India ontdekken dat de kern van de aarde wordt gekookt door cosmische zonnestraling (zogenaamde neutrino's) waardoor de aardkorst rap zal desintegreren. (Na de eerste vijf minuten fluisterde mijn echtgenoot-de-natuurkundige dat dit onmogelijk was. Mijn voorspelbare antwoord was "duh").
Natuurlijk gaat dit armageddon gepaard met de grootste zwendel in de geschiedenis: alleen de rijken der aarde hebben een plekje op levensreddende super-arken kunnen bemachtigen. De rest van de wereld wordt verwacht te verdrinken in deze globale zondvloed.

Zoals te verwachten, krijgt men waar voor zijn of haar $13: de film is één groot feest voor het oog en de actie sequenties zijn meer dan indrukwekkend. Na twee-en-een-half uur lang blootgesteld te zijn aan een visuele adreline rush, vroeg ik mij af: hoe slecht was deze film? En wáár ging dit over?
Ja, de film was matig. Afgezien van de visuele aspecten was het een draak van een (compleet ongeloofwaardig) verhaal met acteerprestaties die nergens écht pakkend worden. Het is leuk om een afro-amerikaanse president te zien maar het is teleurstellend om vrouwen in zulke zwakke rollen als muurbloem of screamqueen te zien. Over de ethische problemen nog maar te zwijgen: de film eindigd 'hoopvol' terwijl de kijker weet dat zes miljard mensen op gruwelijke wijze omgekomen zijn.
Toch was de film op zijn eigen absurde manier een interessante midrasj op het verhaal van Noach: zondvloed op steroids, zeg maar.
De Bijbelse referenties lagen er voor kenners dik bovenop alleen ontbrak de goddelijke motivatie. Het was niet Gods toorn die dit pandemomium losliet op onze gekwelde planeet maar - hoe postmodern ook - gewoon, stom toeval. Dat dit toeval wordt toegeschreven aan Maya voorspellingen maakt het verhaal niet alleen moreel nihilistisch maar ook nog bijgelovig: een dodelijke combinatie.

Dat is dan ook gelijk het zwakste punt in de verhaallijn. In een tijd waar er in Kopenhagen getracht wordt om een verdrag op te stellen dat klimaatverandering moet proberen in te dammen, is het fatalistische toevalselement in de film bijna blasé. Immers richten we al genoeg schade aan zónder inmenging van neutrinos en oude astronomische voorspellingen van geromantiseerde meso-Amerikaanse beschavingen.
Wat de film wel goed aanstipt is het corrumperende element van macht. In andere rampenfilms was het de mensheid die broederlijk ten strijde trok om De Ramp het hoofd te bieden. Maar in 2012 zien we juist het tegenovergestelde: manipulatieve politici, hebberige groot-industriëlen, godsdienstwaanzinnige massahysterie en doodsangstige mensen die zich ter aarde storten voor een plaatsje op het schip. Niet alleen de aardkorst valt uiteen maar de mensheid jammerlijk ook.

En misschien is dát nog wel de interessante midrashic move dat deze film maakt, maar dan omgekeerd. De toorn Gods wordt niet opgeroepen over een zondige generatie maar juist tijdens en na de ramp laat onze generatie haar ware gezicht zien. Dat de film eindigd met beter-laat-dan-nooit verbroedering op schepen die koers varen over een verdronken planeet is een zeer schrale (en tamelijk immorele) troost. De kracht van 2012 zit dan ook niet in zijn CGI special effects of in zijn onwaarschijnlijke plot of in de Noach-achtige helden die aan het roer staan in het verhaal. De kracht ligt in de vraag die de film ons stelt: wat zouden wij doen? Zouden wij ons kunnen verenigen in een noachidische regenboogcoalitie om elkaar te redden? Of laten we het Grote Geld regeren in tegengestelde belangen?

En met onze veranderende en kwetsbare wereld dat is een belangrijke vraag om ons te stellen.